Een eigen huis, een plek onder de zon

Dit zijn de tijden waarop het minder gaat. Dit zijn de tijden waarop alles moeizamer verloopt. Vanaf volgende week donderdag heb ik geen baan meer. Het was nu al niet veel, die anderhalve dag in de week die ik werkte, maar at least was het wat. Ik had een inkomen, hoe laag ook. En het gaf voldoening. Het was een baan die niets te maken had met mijn opleidingsachtergrond, maar het was leuk en het paste bij me. Ik ging met plezier naar mijn werk en als ik een dag had gewerkt dan voelde ik dat ook. Door heel mijn lijf. Het was arbeidsintensief en creatief uitdagend. Helaas kan het bedrijf me niet aanhouden en hebben ze besloten me te laten gaan. En hoewel Chaps vanaf begin november bij zijn nieuwe werkgever kon beginnen, lopen we eigenlijk een maand achter qua werving van inkomsten. Onze buffer raakte eerder op dan dat hij een baan had en in die periode moesten we het van mijn kleine salaris doen.

Zo rap en snel als alles in de beginperiode ging, zo tergend langzaam gaat het nu. Althans, voor mij. Voor Chaps niet, die werkt zich een slag in de rondte. Er zijn zelfs weken bij dat hij 7 dagen per week werkt en dagen maakt van 7u tot 21u. Alles wat hij krijgt aangeboden aan overwerk pakt hij met beiden handen aan. Na 2 maanden zonder werk voelt hij zich fit en gretig genoeg om lange dagen te kunnen maken. Het verschaft hem tevens de mogelijkheid om de verloren –inkomstenloze – maand enigszins te kunnen inlopen, zodat hij aan het einde van deze maand hopelijk 2 maandsalarissen krijgt uitgekeerd. Hij is veel en lang van huis en vanaf maandag tot woensdag verveel ik me dan ook echt helemaal te pletter. Ik zit met Koekie thuis, (het heeft geen zin om haar extra dagen naar de opvang te brengen als ik toch thuis ben, los van het financiële aspect), maar alle liedjes zijn gezongen, alle kleurplaten zijn ingekleurd. Ik kan ‘De wielen van de bus’ en ‘Olifantje in het bos’ echt niet meer horen.

De dagen duren zo ontiegelijk lang, het is om te huilen. Ik probeer de dag in te delen in blokken, zodat de routine, hoe tegenstrijdig dat misschien ook klinkt, me door de dag heen sleept. Je zou denken dat ik overdag toekom aan achterstallige klusjes of dingen die ik door de emigratie heb laten liggen, maar niets is minder waar. Koekie staat om 6.15 te springen op het bed en vraagt dan al om haar eerste boterham. Met mijn gezicht nog half in de kreukels probeer ik mijn roes aan gedachten in het ‘hier en nu’ te krijgen, terwijl zij dan al volop aan het ratelen is en me vervolgens de gehele dag non-stop bestookt met de vraag: waarom? Ze kan zich redelijk goed vermaken met haar speelgoed en boekjes, maar ze wilt natuurlijk het liefst dat ik met haar meespeel en dat ik met mijn aandacht en concentratie bij haar ben. Logisch, ze is 3. Ik voel me soms zo schuldig als ik meer op de laptop bezig ben dan met haar. En wanneer ze dan haar middagdutje doet, dan bedenk ik me dat ik me handen eindelijk vrij heb om iets voor mezelf te doen, maar de warmte sucks all the energy right out of me en meestal val ik dan in een rusteloze halve slaap.

Een keer kwam mijn schoonzus me spontaan opzoeken na haar werk. Chaps was toen nog niet thuis. Ze vroeg of Koekie en ik met haar mee wilden naar de buurtsuper. Even brood kopen. Het was werkelijk waar het hoogtepunt van mijn dag. Ik veerde op, trok snel iets fatsoenlijks aan, fixte mijn haar en deed zelfs nog even oorbellen in, omg. Fietsen (zeker met Koekie achterop) durf ik met dit verkeer niet aan. Het kan gevaarlijk zijn en er zijn geen fietspaden. Bovendien is alles net te ver weg in die gloeiende hitte. Ik heb weleens overwogen om met haar naar het strand te fietsen, maar als ik dan ’s ochtends peil hoe warm het is, dan lijkt 45 minuten fietsen in 37 graden met een kind van 15 kilo achterop en een tas vol strandspullen ineens een heel onaantrekkelijk idee. Dan denk ik, laat maar. Als ik Chaps naar zijn werk zou brengen en met de auto zou blijven, dan zou ik 4 ritten per dag moeten maken en onnodig veel geld verspillen aan benzinekosten. Met het openbaar vervoer lijkt me ook niets met bussen die komen wanneer ze zelf zin hebben. Er zit op dit moment niet veel anders op dan de dag uit te zitten en me tranen te verbijten als ik zie dat mijn kind zich, net als ik, helemaal kapot verveeld.

Aan het einde van de dag, wanneer de zon in kracht afneemt en Chaps bijna thuiskomt, ga ik buiten zitten, op de veranda. Het huis zelf koelt nauwelijks af. Wat ik ook doe, ramen tegen elkaar open zetten zodat de wind er doorheen kan, ramen dicht, ventilatoren uit, of juist aan, het blijft beklemmend heet. Als ik buiten ga zitten in de late namiddag laat ik de bries over mijn schouders glijden en kijk ik naar de ondergaande zon en de verlichte hemel die de meest prachtige kleuren aanneemt. Ik staar voor me uit naar het prachtige landschap en voel me dan murw, moe(deloos) en leeg. Een mislukkeling. Daar zit ik dan. HBO geschoold, een map vol diploma’s en certificaten, maar geen passende vacatures beschikbaar op het eiland. Ik solliciteer, ik stuur brieven, de meesten blijven onbeantwoord. Ik benader bedrijven, stuur mijn cv. Ik weet niet eens of er een functie op het eiland bestaat die echt matcht met mijn skills. Bijna overal vragen ze 4 talen, in branches waar ik geen verstand van heb. De functie maakt me niet eens zoveel uit. Ik wil me gewoon nuttig maken. I feel so useless, geen benul op welke wijze ik deze Curaçaose maatschappij van dienst kan zijn.

Sinds mijn vorige blogpost waarin ik nog heel enthousiast vertelde over Jahman’s Place is de verkoop drastisch teruggelopen tot een punt waarop we hebben moeten besluiten 2 weekenden gesloten te blijven. We zouden anders flink verlies draaien als we geld zouden investeren in dure boodschappen zonder kopers voor de maaltijden. De Facebookpagina wordt, zo kan ik opmaken uit de statistieken, nauwelijks meer bezocht en de berichten en foto’s bereiken maar een handjevol mensen. Ik hoop, ik bid, dat het na het event van 5 december weer aantrekt.

In het weekend wanneer we als gezin weer even samen zijn, bloei ik enigzins weer een beetje op. Soms neemt Chaps Koekie even mee zodat ik kan rusten en hij de verloren tijd met zijn dochter kan inhalen. Op zulke momenten zet ik alles uit, de radio, de laptop, ik wil dan niets anders horen dan absolute stilte. Ik doezel dan weg, val soms in slaap, maar schrik dan meestal na 15 minuten weer wakker uit een dutje dat voor mijn gevoel langer duurde. Ik lees wat. De boeken die ik tijdens mijn afscheid van collega’s kreeg komen nu goed van pas. Ik heb zeeën van tijd om ze te lezen.

Misschien ging alles te voorspoedig. Misschien wil ik te snel. Ben ik ongeduldig. Zolang ik mijn tanden in een project kan zetten ben ik in mijn element. Maar nu is er geen project. Er is niets behalve de wetenschap dat ik mijn werkgever nog maar 1 week van dienst kan zijn. We zijn nu 3 maanden hier. Ik weet het, schouders eronder, mijn hoofd niet laten hangen, de moed niet verliezen, positief blijven denken. Ik wil niet klagen. Ik wil niet zeuren. Maar mijn lijf is op van het eindeloze wachten, het wegkijken van de uren, de minuten. Mijn kaken zijn verstijfd. Mijn hoofd bonkt en mijn ogen trekken scheel. Ik vermijd feestjes, drukte. Geluid. Lawaai. Decibellen. Chaps spoort me aan om mee te gaan naar familiebijeenkomsten, verjaardagen, maar ik hang er voor mijn gevoel maar een beetje bij. Niet in staat mee te gaan in hun vrolijkheid en saamhorigheid. Ik weet wel dat ik er juist tussenuit moet en onder de mensen moet komen, maar de luidruchtigheid en vrolijkheid maken dat ik me alleen nog maar ellendiger voel.

Mijn zusje vroeg me wat ik het meest mis aan Nederland. Of ik überhaupt al iets mis. Ja, zei ik. Ik mis koopavonden van grote supermarkten tot 21u. Ik mis knisperende herfstbladeren en Net 5. Ik mis de mogelijkheid om binnen een uur midden in Antwerpen te kunnen staan. Ik mis de Vegetarische Snackbar in Den Haag en Heavenly Cupcakes in Rotterdam. Ik mis het openbaar vervoer en de snelheid ervan. Ik mis mijn lievelingsrestaurant Goya in Hoogvliet. Ik mis het om in dezelfde tijdzone te zijn als mijn familie. Ik mis om er te kunnen zijn voor mijn vrienden/vriendinnen. Ik mis het om het met ze ergens over te kunnen hebben, of juist over helemaal niets. Ik mis aanspraak en iemand in vertrouwen kunnen nemen. Ik heb hier geen vriendinnen, geen wezenlijke vriendschappen althans. Ik mis gladde, geasfalteerde wegen zonder gaten erin en ik mis muggenloze nachten. Maar het belangrijkste, ik mis thuis. Ik voel me eenzaam en alleen. Ik ben en voel me -letterlijk-, mijlenver weg van huis… Mijn zusje antwoordde, je bent thuis. Het moet alleen nog aan je groeien.

Advertenties

3 gedachtes over “Een eigen huis, een plek onder de zon

  1. Tiny zegt:

    o lieverd , wat zou ik graag even bij je zijn en je stevig vast houden, ik heb gewoon kippenvel van je verhaal, de eenzaamheid die je moet voelen en het besef hebben van het komt wel goed in je weten maar daar even niet bijkomen/kunnen, ik zou zo met je mee kunnen huilen, ik heb van jou een lichtje gekregen, dat ga ik nu voor je aansteken, voel de liefde en warmte en twee armen die ik in gedachten om je heen sla in een dikke knuffel xxx

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s